Wintervoorraad

 

Het is me de afgelopen weken al een paar keer gebeurd. Dat ik bij het leeghalen en omspitten van de bedjes een eikeltje tussen de aarde vond. Te diep om er zo maar neergevallen te zijn. En nog te zeer intact om er al een aantal seizoenen te liggen.

O zeker, er staan eikenbomen op het tuinencomplex Langs de akker. Prachtige exemplaren, zoals er toch een keur aan oude, grote bomen staat. Maar niet in de directe omgeving van mijn tuin. En een eikeltje is te zwaar om op de wind een grote afstand af te leggen.

Lees verder

Kommer en kwel

Door de vele regen en een blessure aan mijn knie ben ik de afgelopen weken weinig op de tuin geweest. En als ik er was, kon ik weinig doen. Kijken, dat ging nog wel. Kijken en chagrijnig worden. Vanwege dat weer. En die knie.

De nazomer is daarmee letterlijk en figuurlijk wat in het water gevallen en met de nazomer ook de nazomeroogst. Boontjes die te lang aan de ranken zijn blijven hangen, courgettes die doorgegroeid zijn tot dijbeendikte, verzopen boerenkool. Het is een treurig rijtje, als ik het zo zie staan.

Lees verder

Overvloed

Gisteren haastte ik mij aan het begin van de middag naar de tuin. Om mijn uien te redden. Ik had die vorige week van het bed gehaald, waar ze al een tijdje hadden liggen drogen, en aan een stuk gaas opgehangen. Omdat er regen, veel regen, heel veel regen werd verwacht, had ik besloten om ze mee naar huis te nemen en in onze schuur verder te laten drogen. Was net op tijd. Kwam zelf nat aan, maar met een vracht aan uien droog in een tas.

Lees verder

Zinloos geweld

Ik had de afgelopen weken thuis met veel ijver, zorg en aandacht courgettes en pompoenen opgekweekt. Vier mooie, forse planten waren het geworden. Twee courgettes (van het ras Defender F1 Hybride, wat eerlijk gezegd meer aan een concurrent voor de Joint Strike Fighter dan een courgette doet denken) en twee pompoenen. Uchiki Kuri, heten die laatste. Bij Judo krijg je daar een half punt voor, volgens mij.

Maar goed, vier planten dus. Ik wachtte tot na IJsheiligen, zoals de boekjes voorschrijven, en zette ze toen in hun bedjes, die ik mooi luchtig had gemaakt met extra compost en waar ik nog een handje koemestkorrels over had gestrooid. Beter kan een moestuinier niet voor zijn plantjes zorgen. Toch? Maar ik had mijn hielen nog niet gelicht of het noodlot sloeg toe.

Lees verder

Oud en nieuw

Mijn schuur blijkt toch niet de ideale bewaarplaats voor de uien en pompoenen. Te vochtig. Eigenlijk wist ik dat wel. Maar hoewel het spreekwoord anders suggereert, stoot een ezel zich bij voorkeur twee maal aan een steen. Om het zeker te weten. Kijken of het echt zo is. Wel nu, het is echt zo: mijn schuur is te nat.

Dat wil zeggen, in het late najaar en de winter. En dat is nu juist de periode dat je iets wilt bewaren. Dus heb ik de resterende pompoenen en uien er maar doorheen gejaagd. Pannen pompoensoep gemaakt. Risotto met pompen. Tajines met pompoen en kikkererwten. Waar dan ook weer uien in konden.

Lees verder

Superuien en kromkommers

Het enige dat het tijdens onze vakantie niet goed had gedaan waren de pas gezaaide paksoi en boerenkool. Het was net opgekomen toen ik wegging, maar toen we terugkwamen was er van de paksoi niets en van de boerenkool één plantje over. Die heb ik na terugkeer dus nog maar een keer gezaaid. Later dan ik wilde, maar goed. Begin deze maand heb ik ook nog sla gezaaid en bietjes en raapjes. Nog maar weer een paar rijtjes andijvie en ook nog een keer radicchio. Van het voorjaar was de radicchio heel snel doorgeschoten, nog voordat zich echte kropjes hadden kunnen vormen.

Het verbaast me dat ik de enige lijk die nog volop aan het zaaien is. Ligt dat aan mij? Of aan de andere tuinders. De tijd zal het leren. Overigens verspreidde het nieuws over mijn superuien zich met sneltreinvaart over de tuinen. Iedereen bleek op een gegeven moment te weten dat ik van die mooie, grote uien heb. De andere moestuiniers kwamen ze een voor een bewonderen en prezen ze de hemel in.

Lees verder

De eerste raapjes en tweede leg worteltjes

Het gaat nu hard. De tuin lijkt opeens een groeispurt te hebben gemaakt. Waar het kiemen en groeien in het vroege voorjaar toch wat moeizaam ging, spuit alles nu werkelijk de grond uit. Misschien heb ik sommige dingen in mijn enthousiasme toch wat te vroeg gezaaid. De worteltjes bijvoorbeeld. Van de eerste zaaironde is bijna niets opgekomen. Maar de rijtjes die ik later heb gezaaid, mijn tweede leg zeg maar, doen het veel beter.

En het was droog, te droog. Ik heb te weinig water gegeven, weet ik nu. Ik heb de tuinslang, die wij thuis bijna nooit gebruiken, naar de moestuin gebracht. Ik sproei nu regelmatig. Dat gaat veel sneller dan lopen met een gieter. De planten lijken er wel bij te varen.

Lees verder