Zinloos geweld

Ik had de afgelopen weken thuis met veel ijver, zorg en aandacht courgettes en pompoenen opgekweekt. Vier mooie, forse planten waren het geworden. Twee courgettes (van het ras Defender F1 Hybride, wat eerlijk gezegd meer aan een concurrent voor de Joint Strike Fighter dan een courgette doet denken) en twee pompoenen. Uchiki Kuri, heten die laatste. Bij Judo krijg je daar een half punt voor, volgens mij.

Maar goed, vier planten dus. Ik wachtte tot na IJsheiligen, zoals de boekjes voorschrijven, en zette ze toen in hun bedjes, die ik mooi luchtig had gemaakt met extra compost en waar ik nog een handje koemestkorrels over had gestrooid. Beter kan een moestuinier niet voor zijn plantjes zorgen. Toch? Maar ik had mijn hielen nog niet gelicht of het noodlot sloeg toe.

Lees verder

Oktober

Half oktober heb ik knoflook in de grond gestopt. Gewoon, een stuk of vijftien teentjes uit bollen van de supermarkt. En allemaal zijn ze prachtig opgekomen. Daar staan ze, twee rijtjes fris groene puntjes. Een vleugje voorjaar in de herfst.

Was wel leuk om ook nu nog iets nieuws te beginnen. Het is toch al zo’n Aflopende Zaak in het najaar en dat stemt me vaak toch al zo weemoedig. Waarom schiet me dan altijd die ene zin in gedachten: ‘Het grote sterven is begonnen.’ Geen idee waar ik die ooit gehoord of gelezen heb. Zou Gerard Reve kunnen zijn. Of Olie B. Bommel. Of een andere heer van stand.

Lees verder

De eerste raapjes en tweede leg worteltjes

Het gaat nu hard. De tuin lijkt opeens een groeispurt te hebben gemaakt. Waar het kiemen en groeien in het vroege voorjaar toch wat moeizaam ging, spuit alles nu werkelijk de grond uit. Misschien heb ik sommige dingen in mijn enthousiasme toch wat te vroeg gezaaid. De worteltjes bijvoorbeeld. Van de eerste zaaironde is bijna niets opgekomen. Maar de rijtjes die ik later heb gezaaid, mijn tweede leg zeg maar, doen het veel beter.

En het was droog, te droog. Ik heb te weinig water gegeven, weet ik nu. Ik heb de tuinslang, die wij thuis bijna nooit gebruiken, naar de moestuin gebracht. Ik sproei nu regelmatig. Dat gaat veel sneller dan lopen met een gieter. De planten lijken er wel bij te varen.

Lees verder

Mol

Ik zag een mol vandaag. Eerst zag ik de aarde in mijn “boomgaard” bewegen en toen kwam hij rechts van het boomschorspad omhoog. Hij keek even om zich heen – ik weet dat dit niet kan en dat mollen blind zijn, maar ik schrijf het toch: hij keek namelijk echt om zich heen, alleen dan niet met zijn ogen, maar met zijn neus – en verdween toen weer onder de grond. Hij draaide een paar rondjes in de boomgaard, die ik op de voet kon volgen omdat hij daarbij de aarde omhoog stuwde, en stak toen voor een tweede maal zijn kopje boven de grond. Toen verdween hij weer en zette koers naar het paadje, aan de andere kant waarvan mijn bedjes met sla, worteltjes, radijsjes en raapstelen onschuldig en onwetend lagen te doezelen in de zon. Beschermd met netten, ja, maar wat halen die uit tegen een mol.

Lees verder