Communiejurkjes

Het is weer zover. Voorjaar in de moestuin. De fruitbomen trekken hun communiejurkjes aan.

Hoezo rokjesdag?

 

Kuifje en de verdwenen peulvruchten

Het is altijd weer wonderbaarlijk om te zien hoe op een bepaald moment in het seizoen werkelijk alle remmen los gaan in de tuin. Natuurlijk, het jaar is al even aan de gang en we hebben al een aardig aantal keren sla gegeten uit eigen tuin, de fruitbomen hebben gebloeid, de knoflook staat hoog, de uien hebben het, zoals altijd, naar hun zin, de aardappelen hebben de nachtvorstaanslag overleefd en floreren. Allemaal waar. Maar het is alsof er op een zeker moment in het voorjaar een startschot wordt gelost dat onhoorbaar is voor mensen, maar het sein is voor alles wat leeft om uit de startblokken te schieten en weg te sprinten.

Lees verder

Willy

Ik hoorde het maandagavond laat. Te laat om er nog iets aan te kunnen doen. Een stem op de radio vertelde dat er in de nacht van maandag op dinsdag vorst werd verwacht. Een à twee graden vorst aan de grond, tot wel zes à zeven graden vorst op anderhalve meter.

Anderhalve meter, dat is precies de hoogte waarop de bloesem, in al zijn witte onschuld en tere naïviteit, de takken van mijn fruitboompjes siert.

Lees verder

Snoeien

Het is zo ver: ik ga mijn appel en peer snoeien. Toen ik ze kocht zei de kweker mij dat ik dat aan het einde van het jaar moest doen, als de bladeren eraf zijn. Behalve de pruim, die moet volgend jaar na de oogst. Tientallen keren heb ik de beschrijvingen en instructies op internet doorgenomen. De do’s en don’ts. Keer op keer gelezen, tot ik ze uit mijn hoofd kende. En nu, op het moment suprême, staande voor de boompjes met de snoeischaar in mijn hand, voor die iele boompjes met hun takjes van niks, slaat de twijfel toe. Alle opgedane kennis lijkt uit mijn hoofd verdwenen. Ik tast met mijn blik de kroon af en kies de takken uit die mogen blijven zitten. Zoek met mijn vinger voorzichtig naar een oog waarboven ik de knip moet zetten. Aan de buitenzijde, zeg ik in gedachten de kenners na. Ik vind een oog. Of is het een knop? Groeien uit die kleine puistjes volgend jaar vruchten of takjes? Ik zie het verschil niet. Uiteindelijk kies  ik er een uit. Zet de bladen van de snoeischaar erboven. Haal diep adem en…
Knip, zegt de schaar.
Tjak, doet de tak.
En daar ligt-ie. In de aarde. Aan de voet van de boom.

Lees verder

Nat

De dagen worden korter. Het wordt nat en natter. Thuis speur ik ’s avonds het web af en bezoek websites over moestuinen. Ik neem informatie in mij op, pas mijn schema’s aan, blader de catalogi van zaadhandelaren door en corrigeer mijn lijstjes. Ik zie de oogst voor me die dat volgend jaar moet gaan opleveren, tafels vol verse groenten, manden vol fruit, een schuur waarin uien hangen te drogen, een keuken vol bossen geurige kruiden, schalen met sla, taarten beladen met frambozen, aardbeien en bramen.

Lees verder

De boomgaard

Na het typen van de titel van dit stukje haalde ik even mijn handen van het toetsenbord, leunde achterover en keek tevreden naar de twee woorden die op mijn beeldscherm prijkten. De boomgaard. Dat staat goed. En voelt nog beter. Een beetje als een grootgrondbezitter. Een landgoedeigenaar. Als in een wit linnen pak een wandeling over mijn domein maken. Als hoogstamfruitbomen met wolken wit-roze bloesem. Als karrenvrachten fruit en planken met potten jam en chutney.

Lees verder