Zomerkoninkjes

Bovenstaande foto is niet dit jaar genomen, maar vorig jaar. Op 25 april om precies te zijn. Waar er toen al bloemen in de aardbeienplantjes zaten, valt daar nu nog geen spoor van te ontdekken. Nu is het toch zo dat mijn tuin momenteel door alle tien oudtestamentische plagen tegelijk lijkt te worden aangedaan. Zaad ontkiemt niet, aardvlooien teisteren mijn tuinbonen en peultjes, in mijn kasje vallen de tere slaplantjes ten prooi aan onzichtbare slakken, hagel geselt mijn fruitbomenbloesem, de aardappelen vragen zich af of ze met dit weer niet beter onder de grond kunnen blijven, de krulandijvie die altijd gevrijwaard bleef van vraat is in een paar dagen tijd weggevaagd door een vraatzuchtig monster en ondanks de regen scheurt de aardkorst alsof het de Sahel zelf is.

Een bezoek aan mijn moestuin is dan ook een deprimerende gang geworden. Zeker als je onderweg door een regenbui getroffen wordt. Ik neem aan dat de ironie in de titel van dit stukje u inmiddels duidelijk is.

Lees verder

Mee-eten

Het was stil, gisterochtend op de moestuinen. Een bijna paradijselijke stilte hing over de tuintjes. Als dampende lakens aan een waslijn op een zomerochtend.  Ik leek de enige aanwezige te zijn, wat me verbaasde met dit mooie weer. Toen ik echter over de paden naar mijn moestuin liep, bleek ik toch niet de enige bezoeker te zijn: er liep een fazant tussen mijn groentebedjes. Of ‘tussen’, hij liep er dwars overheen, stoorde zich aan geen regels over wat pad was en wat niet. Parmantig stapte hij over de door mij zo vlijtig aangeharkte bedjes en pikte hier en daar wat met zijn snavel in de grond. Waarbij ‘hier’ en ‘daar’ precies daar was waar ik de dagen daarvoor mijn bietjes, andijvie en stengelui had gezaaid.

Lees verder

Nagekomen berichten

Allereerst moet ik mijn excuses aanbieden aan de tuinboon. Vicia faba. Of mijn tuinbonen, om precies te zijn. Mijn tuinbonen, waarvan de THT-datum was verstreken. In mijn vorige stukje klaagde ik over het feit dat er van de vierentwintig gezaaide tuinbonen slechts één was opgekomen. Welnu, dat moet ik rectificeren: het zijn er inmiddels acht. Het stukje had in plaats van over de koppigheid van de tuinier dus ook over zijn ongeduld kunnen gaan.

Lees verder

Ons bent koppig

Misschien denkt u dat het hebben en houden van een moestuin alles met zen te maken heeft. Met een een-zijn-met-de-natuur. Of misschien juist met ratio. Met boekenwijsheid, mindfulness, go-with-the-flow, boerenverstand, of aan welke smaak u ook maar de voorkeur geeft. Dan moet ik u teleurstellen. Dat is niet waar. Of beter, het is allemaal waar. Afhankelijk van het gemoed van de tuinier. En de staat van zijn tuin. Dat vooral. Il giardiniere è mobile. De moestuinier is wispelturig. Qual piuma al vento.

Lees verder

Trouw en ontrouw

Het is moeilijk om weerstand te bieden aan de verleidelijkheid van het nieuwe. Niet alleen het vlees is zwak, ook in de standvastigheid of loyaliteit van de moestuinier wordt gemakkelijk een bres geslagen. Elk jaar weer wordt hij op de proef gesteld: vasthouden aan het vertrouwde of toegeven aan de verleiding van het nieuwe, het andere, aan de belofte van een flirt, de belofte van spanning, verandering, van mogelijk geluk.

Lees verder

Joint venture

Deze winter weinig op de tuin geweest. Dat had voornamelijk met fysieke malheur te maken. En het weer natuurlijk. Een paar keer slechts. Om te zien dat de storm een deel van het hek half omver had geblazen. Treurig gezicht was dat. Maar het went, zoals alles, en nu zie ik het al bijna niet meer. Een paar keer winterpostelein geoogst. Fijn spul is dat. Kan tegen een koutje en een buitje. Je knipt het af en het groeit net zo makkelijk weer aan. En je maakt er stamppot mee. Althans, dat is wat ik deed. Kan ook door de sla. Maar daar had ik al veldsla voor, wat ook al zo’n makkelijk wintergewasje is. Sterk spul, al zou je dat niet zeggen als je die tere blaadjes ziet.

Lees verder

Wintervoorraad

 

Het is me de afgelopen weken al een paar keer gebeurd. Dat ik bij het leeghalen en omspitten van de bedjes een eikeltje tussen de aarde vond. Te diep om er zo maar neergevallen te zijn. En nog te zeer intact om er al een aantal seizoenen te liggen.

O zeker, er staan eikenbomen op het tuinencomplex Langs de akker. Prachtige exemplaren, zoals er toch een keur aan oude, grote bomen staat. Maar niet in de directe omgeving van mijn tuin. En een eikeltje is te zwaar om op de wind een grote afstand af te leggen.

Lees verder

Chicks van de gestampte pot

Het liefst ga ik rond lunchtijd naar de tuin. Boterhammen mee. Bidon met water. Natuurlijk ook om wat te doen. Maar ook om er te zitten. Gewoon te zitten en een boterham te eten. En te kijken. Dat vooral. Naar de opgekomen knoflook bijvoorbeeld. Steken groen en pinkhoog boven de grond. Achtentwintig stuks. Vier rijtjes van zeven. Daar moet ik toch een aardig end mee kunnen komen volgend jaar. Kan me daar nu al op verheugen.

Lees verder

Bitterzoet

Zaterdag, toen ik deze foto nam, was het nog herfst. Een mooie, zonnige herfstdag zelfs, en toen ik in de luwte uit de wind een composthoop omschepte, zelfs zo warm dat ik jas en vest uittrok. Twee dagen later was het koud, bitter koud. Er stond een gure oostenwind en soms viel er er een miezerregen uit een wolkendek dat eerder sneeuw leek te voorspellen dan een straaltje zonneschijn.

Lees verder